Hond aan de beugel?

 In blog

Door Nienke Oort, freelance journalist en blogger bij NoortMedia.nl

Goed melkgebit is basis voor gezonde bek met tanden

Het melkgebit van de hond heeft minstens zulke goede verzorging nodig als het volwassengebit. Een melkgebit dat verwaarloosd wordt in verzorging, kan verregaande gevolgen hebben voor de blijvende tanden en kiezen.

Als er iets aan het melkgebit mankeert, wordt er vaak gedacht: ach laat maar, dat verdwijnt vanzelf als er gewisseld wordt. “Foute beredenering”, waarschuwt tandheelkundig dierenarts Frans Knaake van Veterinair Specialistisch Centrum De Wagenrenk.

Hij komt met een voorbeeld van een pup: “Wij hebben op het moment zelf een pup en elke eigenaar van een jonge hond weet hoe wild ze kunnen zijn. Een melkhoektandje is zo maar beschadigd of gebroken. Dit laten zitten tot hij vanzelf gaat wisselen, is geen goed idee.”

Hoektand

Volgens de tandheelkundige dierenarts komt bij een breuk van de melkhoektand vaak de zenuw bloot te liggen. Hierdoor ontstaat een ontsteking in de tand, gevolgd door een abces waardoor de wortelpunt weer beschadigd kan raken. In dat geval heeft de kapotte melktand wel degelijk gevolgen voor de nieuwe hoektand. “Door de ontsteking rond de wortelpunt, kan de nieuwe hoektand misvormd zijn of een beschadigde glazuurlaag hebben. In beide gevallen zal de hond er zeker last van krijgen.”

Een tweede punt waarop hij ons op wil wijzen, is in de gaten houden of je jonge hond wel goed wisselt. Het gebeurt namelijk vrij vaak dat melktanden blijven zitten, terwijl de nieuwe tanden al doorkomen. “Sommige honden hebben dan 43, 44 of meer tanden in plaats van de normale 42 stuks. Dit leidt gegarandeerd tot problemen. De nieuwe tanden hebben te weinig ruimte en er ontstaat tandplak en dus uiteindelijk tandsteen tussen de tanden. Dit gaat stinken en kan ontstekingen veroorzaken.”

Vooral kleinere rassen, zoals teckels en chihuahua’s, kunnen problemen krijgen met dubbele rijen tanden. “Bij grotere rassen, zoals bij de labrador, komt het ook wel voor, maar de gevolgen zijn voor hen minder groot. Simpelweg omdat zij meer ruimte in hun bek hebben”, verduidelijkt Knaake.

Beugel

Helaas krijgt de specialistische dierenarts de honden vaak pas op het spreekuur als het kwaad al geschied is. “Dan moeten er vaak tanden getrokken worden en in sommige gevallen is de standafwijking van de tanden zo groot dat we een hond een beugel aanmeten. Dat werkt hetzelfde als bij mensen: met brackets en elastiekjes. Zo maken we ruimte zodat de tanden weer netjes in de rij komen te staan, in plaats van naast elkaar.”

Fantastisch dat dit mogelijk is, maar als het even kan, wil je dit je hond natuurlijk besparen. Knaake wil eigenaren van jonge honden alert maken op het belang goed te zorgen voor het melkgebit van hun hond. “Check het elke dag en combineer dat met de pup te laten wennen aan een tandenborstel. Het poetsen van de tanden van de hond is een onderdeel van de verzorging dat nog teveel achterwege wordt gelaten, helaas.”

Tips voor het tandenpoetsen bij de hond:

  • Gebruik een gewone tandenborstel met zachte haren, een peutertandenborstel voldoet goed.
  • De speciale tandpasta (bijvoorbeeld met leversmaak) kun je gebruiken bij het aanleren. Later is de tandpasta niet meer nodig.
  • Begin jong met het aanleren en neem het mee in het dagelijks ritueel. Op die manier weet de hond straks niet beter.
  • Om te voorkomen dat je misschien een keertje uitschiet en de hond het poetsen met pijn gaat associëren, is het aan te raden altijd je wijsvinger op de borstelkop te houden. Op die manier heb je meer controle over de poetsbewegingen.

Drs. Frans Knaake is dierenarts voor tandheelkunde en kaakchirurgie bij VSC de Wagenrenk